De Franse Pyreneeën: reusachtig mooi

FrankrijkDe Franse Pyreneeën: reusachtig mooi

Het Nationaal Parc de Pyrenees stond al een tijdje op mijn verlanglijstje. Toen mijn vrouw Brecht en ik daar aankwamen werd mijn vermoeden bevestigd: wat een schitterende omgeving! Het heeft iets magisch als je in een redelijk vlakke omgeving rijdt en opeens in de verte het hooggebergte ziet opdoemen. Waarom is het woord Pyreneeënreus eigenlijk lang zo bekend niet als Alpenreus?

We rijden door de Vallee d’Esponne langs het riviertje de Esponne en door het wintersportplaatsje Baeudean naar onze uitvalsbasis voor de komende drie dagen: Het prachtige hotel Domaine de Ramonjuan, Bagnères-de-Bigorre. Dit hotel heeft een zwembad, tennisbaan en prachtige tuin en je bent in een vloek en een zucht bij de rivier. De eigenaar Dominique vertelt in een soort ‘Allo allo’-Engels over uitstapjes in de buurt, blijf luisteren, want hij geeft tips die niet in reisgidsen staan. In het restaurant serveert de kok alleen voor zijn hotelgasten een vastgesteld menu. En wat voor één; hij bewijst waarom de Franse cuisine zo hoog staat aangeschreven.

Het eten in het hotel is voortreffelijk.

    Lourdes

    Dominique, de hoteleigenaar, raadt ons aan om, voordat we naar het hooggebergte gaan, eerst Lourdes te bezoeken. Want in de vroege ochtend is het er nog niet zo druk. Lourdes is een van de belangrijkste bedevaartplekken van Europa. De maagd Maria zou er in een grot zijn verschenen aan een 14-jarig meisje. We hadden nóg iets vroeger moeten vertrekken, want om 10 uur staan er al veel toeristen heilig water te tappen bij de diverse tapkranen.

    Laat je niet op het verkeerde been zetten door de lange rij voor de grot. Deze mensen willen de grot aanraken. Loop om de rij heen naar de grot, dan heb je hem niet aangeraakt, maar wel gezien. En je ziet al die mensen van over de hele wereld, die in re rij staan om een grot aan te raken. Ook indrukwekkend.

    Het keteldal van Gavarnie, Cirque de Gavarnie

    RIchting Luz-Saint Sauveur kiezen we een prachtige groene route via bergweggetjes naar een wintersportcentrum midden in het hooggebergte. Wat een uitzicht! Het keteldal is ontstaan door een inmiddels lang verdwenen gletsjer. Je wordt omringd door de Mont Perdu (3.352 meter), de Pic du Marboré (3.248 meter) en de Taillon (3.144 meter). Je kunt hier prachtig wandelen. Ook langs een prachtige waterval. Het keteldal staat niet voor niets op de Unesco Werelderfgoedlijst. Op de terugweg zien we grote gieren boven de valleien vliegen alsof het zweefvliegtuigen zijn. Sommige hebben een spanwijdte van wel 2,5 meter, schitterend.

    De Tourmalet

    Als we bij Luz-Saint Sauveur zijn terugkomen slaan we rechtsaf richting col du Tourmalet. We komen aan, maar zien geen berg. Terwijl de berg toch echt 2.115 meter hoog is. De laaghangende bewolking belemmert ons zicht. Met een gemiddeld stijgingspercentage van 7,6% en op sommige plekken 10% en vele haarspeldbochten vind ik het bestijgen van deze bergreus wel leuk. Maar Brecht vindt het spannend en durft soms niet te kijken.

    Boven zien we veel fietsers, auto’s en toeristen die de tocht ook hebben aangedurfd. En 20 meter voorbij de top breekt de zon door. Aan de westzijde lijkt het alsof een reus het dal heeft volgegooid met watten. We kunnen onze auto nog net parkeren zo druk is het hier. Groeit de zeldzame plant Edelweiss hier ook? Men zegt van wel. En ja hoor! Ze zijn gewoon te koop in de souvenirwinkel…

    Vallee de Lesponne

    Dominique heeft nog een laatste tip: de weg waaraan het hotel ligt loopt na ongeveer 6 kilometer dood in het plaatsje Chiroulet. Het uitzicht onderweg is overweldigend. Binnen een kwartiertje zijn we er al en Dominique heeft niets teveel gezegd. Je wordt omringd door de Pic du Midi, Pic du Montaigu en de Pic de Lhens. Bovendien loopt de rivier de Esponne hierlangs. Kortom een waardig afscheid van de Pyreneeënreuzen.