Expeditie in de Andes

ArgentiniëAlive: op expeditie in de Andes

Tip voor avonturiers. Elk jaar, in februari, organiseert expeditieleider Ricardo Peña een trip naar de bergtop waar op 13 oktober 1972 – vrijdag de dertiende! – een vliegtuig met 45 inzittenden neerstortte (bekend van de film Alive!). Samen met Eduardo Strauch, een van de overlevenden, bezoek je de plek des onheils. De expeditie kost wat ($ 3.800), is avontuurlijk en niet ongevaarlijk, maar het is vooral zeer indrukwekkend en een once in your lifetime experience. Zou ik het nog een keer doen? Nee. Veel te eng. Ben ik blij dat ik het toch heb gedaan? Zeker weten! Wat. Een. Ervaring.

Het rampverhaal ging de hele wereld over: 72 dagen op 4.500 meter hoogte, in temperaturen die ‘s nachts dalen tot 35 graden onder nul en overdag amper boven het vriespunt uitkomen. In een ijle lucht en met de gevaren van het wisselvallige weer, zonder geschikte uitrusting. Het nieuws dat de overlevenden zich voedden met de lichamen van hun gestorven vrienden, kreeg de meeste aandacht. Eduardo: “Het was de moeilijkste beslissing in mijn leven, maar de enige manier om te overleven. Het was not done, maar na een paar dagen boden we onze eigen lichamen aan: ‘Als ik doodga, eet me dan op’. Dat maakte de beslissing makkelijker. Ik heb er geen spijt van en schaam me er niet voor. Ik ben juist trots dat ik het taboe kon doorbreken om te overleven.”

Startpunt
  • Bij het startpunt aan de voet van het Andesgebergte doemen de bergen op.

Startpunt Mendoza

De plaats waar het vliegtuig met aan boord het jonge rugbyteam uit Uruguay is neergestort, is een dag autorijden en twee dagen te paard verwijderd vanaf Mendoza en vanwege het weer alleen bereikbaar in februari. De expeditie duurt vijf dagen. In zomerse temperaturen, goed uitgerust en met meer dan genoeg eten voor handen. Maar: voor mij was het puur overleven. Ik heb doodsangsten uitgestaan.

Onderweg naar de Andes
    De expeditie

      Helse expeditie

      Mijn paard struikelde een paar keer over zijn eigen benen, zakte soms door zijn hoeven, gleed in brede wildkolkende rivieren uit over keien en zijn zware adem verried zijn concentratie en vermoeidheid. Dat was geen geruststellend geluid toen mijn paard verticaal over een richel van veertig centimeter, bestaande uit kleine steentjes, sjokte. Voor me doemde een diep ravijn op, rechts beneden een peilloze diepte. Links de steile muur van een berg, waarop ik me met alle macht probeerde te concentreren. Ik hoorde steentjes naar beneden kletteren, omdat mijn paard met zijn hoeven op het uiterste randje van het richeltje liep. Ga nou naar links, perste ik er met opeengeklemde kaken uit. Mijn paard sprak geen Nederlands, Spaanse woorden ken ik niet. Paardrijden kan ik ook niet.

      Aan de voet van het Andesgebergte
      • Het team maakt zich klaar voor de expeditie.
      Aan de voet van het Andesgebergte
      • Aan de voet van het Andesgebergte is er nog geen vuiltje aan de lucht.

      Kamperen in de Andes

      Onderweg sloegen we kamp op en werd de bepakking van de pakezels met kilo’s tegelijk verlicht toen de guacho’s (zoals Argentijnse cowboys zich noemen) dekens en keukengerij uitpakten. Er was zelfs een kok mee die een heerlijke barbecue bereidde. Expeditieleider Ricardo luisterde de avond in de bergen op met zijn gitaar. Ik hield het niet droog bij het nummer ‘Love me’ van Collin Raye (sindsdien bovenaan mijn lijstje mooiste nummer ooit), luister maar eens goed naar de tekst. Prachtig.

      De paardrijrit

        Romantische expeditie?

        Ik wil het romantische plaatje niet verpesten, maar ik doe het toch. Plassen en poepen moest wild. Achter een steen. De regels voor de bagage waren streng; ik mocht haast niets meenemen. Wat betekende dat ik vijf dagen hetzelfde droeg (probeer een onderbroek mee te smokkelen!). Kans om te douchen was er niet. Er was een klein beekje waar ik mijn tanden kon poetsen en mijn gezicht kon wassen, maar daar bleef het wel bij. En in de tussentijd sloeg het angstzweet me uit. Er was maar één manier om voorbij die paar kolkende rivieren te komen. Er dwars doorheen. Om geen natte voeten te halen moest ik voorover op het paard gaan liggen, wat weinig grip gaf. Mijn paard stapte de rivier in en ging bij elke stap onderuit over een steen die hij niet zag. Hij werd meegenomen door de stroming, maar stapte wel keurig 100 meter stroomafwaarts weer op het droge.

        De expeditie
          De expeditie

            Midden in de Andes

            Nog heel even volhouden… Ik hing achterover op mijn paard en hield me stevig vast aan het zadel. De tranen prikten in mijn ogen. Dit was te absurd voor woorden. Eén centimeter naar rechts, een kleine misstap en ik zou honderden meters de afgrond in denderen. De pakezels moesten af en toe even worden opgedreven om zich weer bij de groep aan te sluiten, maar elke keer als de gauchos de ezels opdreven, dacht ook míjn paard dat hij vaart moest maken. Terwijl ik veel liever achter de meute aan bleef sjokken.


            De moeite waard

            Een zucht van opluchting ontsnapte dan ook uit mijn mond toen we na twee dagen te paard eindelijk bij de rampplek aankwamen. Het ligt desolaat in het midden van het Andes-gebergte, door honderden bergtoppen verwijderd van de bewoonde wereld. Eigenlijk is het een onbegaanbaar oord. Was dit het waard? Ja! Wat een indrukwekkende plek, wat een mooi verhaal en wat een bijzondere man. Het verhaal, opgetekend uit de mond van een overlevende, maakte diepe indruk op me.


            De expeditie
              De expeditie.
              • De paarden schuifelen over smalle richeltjes.

              De rampplek

              Eduardo: “We waren ons niet bewust van de gevaren van de bergen of de lage temperaturen. Wellicht was die onwetendheid juist onze redding. We wisten wel dat we snel moesten handelen, want we voelden dat de dood ons op de hielen zat. Die eerste dag verwachtten we het hulpteam elk moment te zien verschijnen. Die avond bekroop ons de angst dat hulp misschien nog twee dagen op zich zou laten wachten. Wisten wij veel dat zelfs dát wishful thinking was.”

                Valley of Tears

                De memorial-site ligt in een vallei die jaren vóór de crash – cynisch genoeg – de Valley of Tears is genoemd en bestaat uit een plek waar nabestaanden herinneringsplaquettes, Mariabeeldjes en andere memorabilia hebben achtergelaten. Naast deze plek ligt een grote hoop vliegtuigresten. Een grote cirkel van keien met vlaggen en resten van de bezittingen uit het vliegtuig vormt het graf van de overledenen. Op het gedenkteken, een marmeren piramide, staan op de ene kant de namen van de dodelijke slachtoffers en op de andere kant die van de 16 overlevenden.

                De expeditie
                • Eduardo Strauch met zijn dochter op de plek des onheils.
                Rampplek

                  Overleven

                  Eduardo stond licht aangedaan, maar met een gelukkige glimlach op zijn lippen, bij de memorial-site. “Elke keer als ik hier ben, voel ik me gelukkig. Mijn geest heeft alle leed afgestoten en de gelukkige gevoelens laten zitten. Ik heb hier de vreselijkste momenten meegemaakt, maar ook de mooiste. Het verbaast mij ook. Maar die gelukkige momenten hielpen om het lijden te tolereren. Er zaten eilanden van geluk in die nachtmerrie. We probeerden de film waarin we zaten te bekijken. Kun je je voorstellen als onze ouders en vrienden ons hier zouden zien zitten? Omgeven met menselijke resten. Huilen deden we niet. Onze vrienden stierven in onze armen, maar rouwen kost energie en dat hadden we niet.”

                  Het graf.
                  • De rustplaats van de inzittenden die het helaas niet hebben gehaald.

                  Extreem

                  “Ik praat er graag over. Het is voor mij nu nog steeds een soort therapie. Ik denk ook dat anderen iets kunnen leren van mijn verhaal. En ik wil laten zien wat een bijzondere machine de mens is. Er bestaat geen wetenschappelijke verklaring voor hoe we die eerste nachten hebben kunnen overleven, artsen tasten nog steeds in het duister. Ik ben trots op wat ons is gelukt. Wat we konden als mensen. We zijn tot alles in staat om te overleven. We kunnen een hoop ellende aan. Jammer genoeg, kom je daar pas achter bij een extreme situatie.”


                  Avontuur

                  Ik ben een angsthaas met hoogte- en een klein tikje smetvrees. Maar neem mijn verslag vooral niet met een korreltje zout; ook bij mijn medereizigers biggelden tranen over de wangen en ook zíj wilden naar hun moeder toe. Dus ben je actief en een avonturier? Doen! Echt waar. Want wat was dit tof. Wat ben ik blij dat ik niet van tevoren wist hoe eng ik dit zou vinden. Want zelf ga ik nooit meer. Maar ik raad het wel iedereen aan. Vooral ook die douche van een uur lang als je weer terug in je hotel in Mendoza bent.