
EngelandMet LeShuttle naar het Engelse Kent
Ondergrondse/onderzeese reis
Je kunt op verschillende manieren in Engeland komen. Met het vliegtuig, per privé(zeil)boot, met de ferry en met de Eurostar. Maar er is nog een andere manier: met Le Shuttle. Deze bijzondere trein maakt net als de Eurostar gebruik van de Kanaaltunnel – ook wel Eurotunnel genoemd - die tussen Calais in Frankrijk en Folkestone in Engeland ligt. Een ondergrondse reis dus, en ook onder water dus, tot zo’n honderd meter onder de zeebodem.

- Op weg naar LeShuttle in Calais.

- LeShuttle is een trein voor auto's (en vooruit, passagiers mogen ook mee)
Tijdreis met LeShuttle
Wat er nu precies zo bijzonder is aan deze trein? Er zitten geen stoelen in en de raampjes zijn minuscuul. Le Shuttle is namelijk een trein waar je je motor, auto, busje, caravan, camper en zelfs je vrachtwagen op rijdt en die je vervolgens naar Engeland, zo’n 50 kilometer verderop, brengt. Eenmaal aan de overkant, rijd je de trein weer uit en je vakantie of roadtrip kan beginnen. In je eigen auto of met je eigen camper of busje. Duur van de ‘overtocht’: zo’n 35 minuten. Je maakt een soort reis terug in de tijd, want in Engeland lopen ze een uur achter ten opzichte van onze klok.

- Het is een bijna 800 meter lange, bruine trein met kleine ramen.
Niks te zien door de raampjes
Met Le Shuttle maak je ook een soort ruimtereis. Want je ziet niks als je naar buiten kijkt. De kleine raampjes die er zijn, tonen enkel een zwart gat. Alleen het zachtjes heen en weer schommelen van het treinstel verraadt dat de trein zich voortbeweegt. Ook van de buitenkant is de trein een beetje buitenaards: een honderden meters lange goudbruine slang die maar heel even bovengronds te zien is, want na een kort aanloopje duikt hij al snel onder de grond en vervolgens onder het water van het Kanaal.

- Je auto staat in een af te sluiten compartiment - je mag daar wel rondlopen.
Door de tuin van Engeland: Kent
Zodra we aan de andere kant van het Kanaal weer boven komen, rijden we zo het groene graafschap Kent binnen. Aan de linkerkant van de weg, uiteraard. Dat is even wennen, maar wel belangrijk om dat goed te realiseren. Een goede co-piloot doet wonderen, is mijn ervaring. Ons doel in de stad Canterbury, maar we nemen niet de snelweg, maar de B-wegen door het fraaie landschap. Deze regio wordt niet voor niks ‘de tuin van Engeland’ genoemd. Golvende heuvels met wijngaarden, schaapjes, bomen, schattige cottages, vakwerkhuizen en tuinen vol bloeiende rozen en lieflijke dorpjes trekken aan ons voorbij.

- Vakwerkhuizen zie je veel in Kent, zoals hier in Chilham.
Net een filmset: Chilham
In het dorpje Chilham stoppen we even, want dat moeten we zien, is ons aangeraden. Alsof je in een filmset van Midsomer Murders stapt, zo is Chilham het beste te omschrijven. Niet zo verwonderlijk dat hier al meerdere films en series zijn opgenomen. Een eeuwenoud kasteel, een middeleeuwse kerk met scheve grafstenen, een dorpsplein, een pub, een biertuin, een antiekwinkeltje uit de 15e eeuw, een schooltje en schilderachtige witte vakwerkhuisjes. En dat dan aangekleed met grote bomen en rode rozen. Op het kerkhof staat zelfs een boom van 1300 jaar oud, althans, de overblijfselen ervan. Met dit voorproefje op wat ons te wachten staat in Canterbury stappen we weer in en vervolgens onze weg.

- Sfeerbeeld in Chilham, met een pub (uiteraard).
Niet te missen: de kathedraal van Canterbury
Dat Canterbury een oude stad is, zie je zodra je het centrum binnenkomt. Het icoon van de stad is de kathedraal, die kan je niet missen. Alle wegen leiden naar dit imposante bouwwerk – de oudste van Engeland (anno 597! en Unesco Werelderfgoed - dat al eeuwen het beeld van de stad bepaalt en zo ook wij worden als een magneet naar de kathedraal getrokken. Hier zetelt de aartsbisschop van Canterbury, hier liggen Hendrik IV en Eduard begraven, hier werd aartsbisschop Thomas Becket in 1170 vermoord, een gebeurtenis die tot de dag van vandaag pelgrims op de been brengt. Niet alleen is de geschiedenis en het interieur van de kathedraal overweldigend, we nemen ook een kijkje in de omringende tuinen, naar verluidt de oudste van Engeland en het onderhoud is letterlijk monnikenwerk. Ook staan er overblijfselen van een twaalfde-eeuwse infirmerie, de ziekenboeg van de kathedraal.

- De kathedraal van Canterbury.

- De ruïnes van de middeleeuwse infirmary bij de kathedraal van Canterbury.
Het aardse leven in de stad
Van de serene en spirituele rust in en rond de kathedraal stappen we via de middeleeuwse poort zo het aardse, alledaagse leven van Canterbury in. De binnenstad is namelijk een aaneenschakeling van cafés, restaurants, unieke boetiekjes en winkels met curiosa, vintage en antiek. Op elke hoek van de straat vind je wel een koffietentje, want koffie, daar lusten ze hier wel pap van.

- De poort die heilige met het aardse leven verbindt.
De baobabs van Canterbury
Als je iets verder doorloopt, beland je via de Westgate Towers vanzelf in Westgate Gardens, een groene oase midden in de stad, langs rivier de Stour, waar onder andere een gigantische plataan staat, een van de oudste bomen van de stad. Canterbury telt zes van dit soort bomen die zo’n 300 jaar geleden geplant zijn en inmiddels de omvang van een paar meter hebben bereikt. Ze worden ook wel de ‘baobabs van Canterbury’ genoemd. Er staat er ook eentje in de tuin bij de kathedraal.

- Eén van de 'baobabs', in Westgate Gardens.

- Fraai pand met terras in Westgate Gardens.
Canterbury vanaf het water
De rivier en ook de eeuwenoude kanalen door de stad zijn niet diep: we zien de keien op de bodem liggen. Ideaal dus voor punters, een platte boot die à la Venetië wordt voortbewogen door een stoere man met een stok. Die stoere man is – in ons geval – Anthony, een geslaagde kruising tussen een Amerikaanse vader en een Belgische moeder en werkzaam voor de Canterbury Punting Company. Tijdens de boottocht dwars door de stad memoreert hij de geschiedenis van de stad, van de Kelten, de Romeinen en alle koningen en overheersers die hier verder nog de dienst hebben uitgemaakt. Een soort vloeibare geschiedenisles dus, gelardeerd met typische Britse humor. Want dat heeft Anthony gelukkig ook overgenomen.

- Op een punter door Canterbury.

- Een van de vele kanalen in de stad.

- Punter Anthony in vol ornaat.
Bukken! De bruggen zijn heel laag
We moeten tijdens de boottocht regelmatig bukken, want we komen langs hele lage bruggen. Sommige stokoud, sommige wat nieuwer en andere behangen met een bijzondere spinnen die alleen hier te vinden zijn. Het levert wat gegil op, want de spinnen hangen in een soort zakjes naar beneden en gaan rakelings langs onze hoofden, tot groot vermaak van Anthony, die rustig doorboomt. Tot besluit van de tocht neemt hij ons mee naar een stukje natuur stroomopwaarts en vertelt hij over de bomen, de watervogels en de duiven die we tegenkomen en die hij zelfs namen heeft gegeven. Een afwisselende tocht dus en zeker een aanrader mocht je in Canterbury belanden.

- Een lage brug in aantocht, dus bukken!
Terug in Folkestone
We zijn in Engeland en hoewel we tijdens ons bezoek aan Canterbury en Chilham zowaar zonnige perioden meemaakten, moeten we er op de laatste dag toch aan geloven. Aan het typische Engelse weer, bedoel ik. Daardoor valt het bezoek aan de kustplaats Folkestone – waar we onze auto weer op LeShuttle gaan parkeren - letterlijk in het water, maar er is gelukkig genoeg kleurrijks te zien. Vlak bij de haven is de vrolijkste wijk van Folkestone te vinden: er hangt zelfs een naam boven de ingang: creative quarter. Het is de creatieve wijk van de stad, waar ontwerpers, filmmakers, muzikanten, artiesten en kunstenaars wonen en waar tal van galeries en vintage winkels te vinden zijn.

- Het Creative Quarter in Folkestone.
Kunstzinnige stad aan het Kanaal
Folkestone lijkt op het eerste gezicht misschien een ‘gewone’ havenstad, het heeft een levendige kunstscene. Dat zagen we al in de Creative Quarter, maar ook in de haven. Daar dobbert een roze huis in het water en op de pier staat zijn oranje broertje. Met dank aan de Folkestone Triennal, een driejaarlijks kunstfestijn waarna bepaalde kunstwerken blijven staan. Zoals die vrolijke gekleurde huisjes bij de haven, een kunstwerk van de Britse kunstenaar Richard Woods. Als je in de haven op een pier staat en de kustlijn een beetje afspeurt, zie je nog een ander kunstwerk, maar dan van Moeder Natuur: de witte kliffen van Dover. En als je nog beter kijkt, zie je zelfs de overburen, Frankrijk dus. Slechts 35 minuten treinen hiervandaan.

- Kunstzinnig huisje in de haven van Folkestone.

- De huisjes zijn overblijfsels van het driejaarlijkse kunstfestival in Folkestone.

- Folkestone is een havenstad en het eind- en beginpunt van LeShuttle.
Informatie over Le Shuttle
Le Shuttle is de autotrein-verbinding tussen Calais in Frankrijk en Folkestone in Engeland. Retourtickets voor LeShuttle gaan vanaf 71 euro per auto, onafhankelijk van het aantal passagiers. Dit goedkoopste retourtarief geldt als je binnen twee dagen weer terugreist. Het uiteindelijke bedrag hangt af van de grootte van de auto en van het type vervoermiddel. Hoge busjes, caravans en campers gaan in een ‘enkele’ trein, gewone auto’s in een ‘dubbeldekker’. Vrachtverkeer heeft zijn eigen treinen. Je kunt ook kiezen voor een Flex-ticket. Die zijn wel een stuk duurder, maar het retourticket is ook langer geldig en geeft je ook de gelegenheid een trein eerder of later (mocht je door files te laat komen) te pakken. Bovendien maak je gebruik van speciale, rustige rijbanen. En ben je ruim op tijd, dan kan je in de ‘business lounge’ komen eten en drinken, dat zit bij de prijs inbegrepen. Mocht je geen tijd hebben om rustig te zitten, dan zijn er tasjes beschikbaar waar je je lunch in kunt verzamelen en meenemen naar je auto.

- LeShuttle is een trein voor auto's (en vooruit, passagiers mogen ook mee)
Ook voor sportieve bolides en huisdieren
Tijdens de overtocht mag je uit je auto stappen en in de treincoupé rondlopen, maar veel is er dus niet te zien. Vrachtwagenchauffeurs mogen niet in hun truck blijven, die worden opgehaald en naar een speciale wagon gebracht.
LeShuttle is een geliefd vervoermiddel voor eigenaren met dure (en laagbijdegrondse) sportauto's. Niet alleen het feit dat de trein ze supersnel tussen Engeland en Frankrijk (naar het dichtbijgelegen Le Mans bijvoorbeeld om een potje te gaan racen) vervoert. Ook de zorgvuldige behandeling van de auto's zorgt ervoor dat ze krasloos aan de overkant komen.
Ook huisdieren zijn welkom in Le Shuttle. Er is zelfs een speciale ‘pet reception’ waar de hond, kat, fret of hamster zich (met baasje) moet melden en aantonen dat hij alle vaccinaties die nodig zijn om Engeland in te komen, heeft gehad. Ook verder op het terrein van Le Shuttle is veel aandacht voor het welzijn van huisdieren.

- Ook deze rode Ferrari gaat mee met LeShuttle.
Reis naar Verenigd Koninkrijk - ETA en paspoort
Om naar Engeland, Schotland, Wales of Noord-Ierland te reizen, heb je een geldig paspoort en een Electronic Travel Authorisation nodig. Zo’n ETA kost 20 pond (prijspeil 2026) en is digitaal aan te vragen via internet. Het visum is twee jaar geldig maar is gekoppeld aan je paspoort. Als die eerder verloopt, verloopt ook je ETA. Met een ETA mag je maximaal zes maanden in het Verenigde Koninkrijk verblijven.
Als je met LeShuttle reist, kom je in Calais eerst door de Franse douane en daarna door de Engelse douane. Voordeel hiervan is dat zodra je in Engeland bent aangekomen, je meteen door kunt rijden. De formaliteiten zijn dan immers al afgehandeld. Tijdens die formaliteiten, als jij dus niet in de auto zit, wordt je auto gecontroleerd op onder meer explosieven en verdovende middelen. Veiligheid boven alles.




