De gevolgen van het coronavirus zijn ongekend. Ook bij RonReizen volgen we het nieuws op de voet. En al kunnen we op dit moment nog niet altijd en overal reizen ‘als vanouds’, wegdromen kan altijd… Blijf gezond en doe op onze site reisinspiratie op!
varen.

DuitslandJolanda vaart met hausboot door voormalig Oost-Duitsland

Op zo’n 700 auto-kilometers van Amsterdam ligt in het oosten van Duitsland de Mecklenburgische Seenplatte. Een immens, prachtig en onder Nederlanders vrijwel onbekend watersportgebied met meer dan 1000 grote en kleine meren verbonden door kanalen, rivieren en sloten. RonReizen-blogger Jolanda Janssen en haar man Peter huurden een ‘Hausboot’ en verkenden een piepklein deel.

Het was een ideale dag, besluiten we als we ’s avonds op het achterdek van onze ‘Laura’ zitten. Eerst in alle rust in de haven van Waren wakker worden. Op de wal bij een warme bakker ontbijten met verse koffie en knapperige harde broodjes met roerei. Paar leuke winkeltjes in en uit. Boodschappen voor de lunch inslaan. Dan de boot losmaken en een paar uur in het zonnetje heel rustigjes varen over een spiegelglad meer, de Müritz. Aanleggen in het volgende stadje, Röbel. Zwemmen tussen de vissen, het buurtende zwanengezin voeren, zelf een hapje eten en een goed gesprek met de tafelburen.

De haven is midden in het stadje.
  • De haven is midden in het stadje.

Hausboot huren

Het Mecklenburgse Merengebied, grofweg tussen Berlijn en de Oostzee, biedt talloze mogelijkheden om boten te huren, van kano’s tot drijvende caravans, vis- en motorboten. En als je niet zelf wilt varen, is er nog altijd de rondvaart-vloot die vanuit alle plaatsjes vertrekt. Maar waar wij voor kwamen: je mag hier ook zonder vaarbewijs een ‘Hausboot’ tot 15 meter huren, een kajuitsjacht waarop je ook kan slapen.

Je komt van alles tegen, zelfs drijvende caravans.
  • Je komt van alles tegen, zelfs drijvende caravans.

Oh, wat is ie groot...

Je moet dan wel een ‘Charterschein’ halen, een tijdelijke vergunning die je krijgt na zo’n drie uur theorie- en praktijkles. En zo boekten we een boot, een Pedro Skiron Type 2, via bootsurlaub.de en waren we drie dagen eerder in Marina Eldenburg, vlak bij het stadje Waren, aan boord van de Laura gestapt. We moesten wel even slikken toen we haar voor het eerst zagen: best groot met ruim 10 meter en verder twee slaaphutten, een keukentje, badkamertje en woonkamer.

Eerste kennismaking met Laura.
  • Eerste kennismaking met Laura.

Les op de hausboot

De les (in het Duits, met Engels kom je hier niet ver) wordt grondig aangepakt. Onder de bomen in Marina Eldenburg verzamelen zich die zaterdag samen met ons een vijftiental mensen, waarvan sommigen überhaupt nog nooit hebben gevaren. Eerst de theorie en de waterkaarten. „Richting Berlijn houd je de rode boeien aan bakboord, richting westen aan stuurboord”, vertelt jachthavenmedewerker Axel. Je moet altijd in een haven overnachten. Je vaart ‘mit gefühl’. Axel: „Kleine Fahrt, kleine Schade, grosse Fahrt, grosse Schade.” 

We verzamelen onder de bomen voor de theorieles.
  • We verzamelen onder de bomen voor de theorieles.
Uitgebreid behandelt Axel de waterkaarten.
  • Uitgebreid behandelt Axel de waterkaarten.

Les in techniek

Hij legt de borden uit die je zoal tegenkomt („Veel verbodsborden, we zijn nu eenmaal in Duitsland”), geeft nog wat wijze adviezen („Altijd rustig blijven”) en dan zit zijn taak erop. Hij geeft ons over aan Herr Schulz, die ons aan boord de techniek uitlegt. Het blijft helaas bij wijzen: met meer dan windkracht 4 mag je niet varen met een Chaurterschein en het is ruim daarboven. We maken maar een wandeling door het bos. Pas na het ontbijt de volgende dag stapt Norbert aan boord, voor de praktijkles. 

Herr Schultz legt de techniek aan boord uit.
  • Herr Schultz legt de techniek aan boord uit.

Onderweg in voormalige Oost-Duitsland

Rondje varen in de haven, paar keer aanleggen oefenen en dan worden we ‘losgelaten’. Onwennig en ook zenuwachtig gaan we in een slakkengangetje (je mag sowieso niet sneller dan 12 km/u) richting westen. Maar het varen valt 100% mee: de boot laat zich makkelijk sturen, het is niet te druk, lekker zonnetje, en ook al zijn de kanalen soms smal, er is precies genoeg ruimte.

Norbert doet voor hoe je achteruit vaart.
  • Norbert doet voor hoe je achteruit vaart.
varen.
  • Rechtuit durf ik het ook wel...

Heel even filevaren

We gaan eerst naar de Kölpinsee. Zonnetje, windje, zwaaien naar vreemde varensgasten, rode boeien aan stuurboord houden, door de verrekijker turen naar de oever - zijn dat echt de wisenten uit het natuurreservaat die daar met de poten in het water staan? Dan de Fleesensee, we zien het hotel Tui Blue in Untergöhren waar we enkele dagen daarvoor overnacht hebben - prachtige plek, eigen strand en aanlegsteiger, heerlijke kamer en dito ontbijt. Weer een kanaal, beetje filevaren onder de snelweg door. Een klein meer, een smal kanaal, en dan zitten we op de Plauer See.

Kanaal
  • Achter elkaar aan het kanaal in.

Voor het eerst aanleggen

We koersen recht naar de overkant, naar de vuurtoren van Plau, een ‘Luftkurort’, van de lucht hier alleen al word je gezond. Aanleggen aan de kade is nog even lastig zo’n eerste keer: beetje hulp van de boegschroef, stukje achteruit, stukje vooruit, boegschroef. Als je maar blijft pielen en niet ongeduldig wordt, lukt het wonderwel. 

De vuurtoren van Plau
  • De vuurtoren van Plau.

Schilderachtig Plau

Opgelucht lopen we even later op een beetje wankele ‘See-benen’ het stadje in. Lekker schilderachtig hier: een ijzeren hefbrug, vakwerkhuizen, een kasteel met toren die te beklimmen is, een historisch centrum. Havenmeester Thomas tipt ons de Käseeck (Wallstrasse 2), een oude boerderij waar je lekker kan zitten met een wijntje en een bordje kaas. We vallen met onze neus in de boter want er is een culturele middag: er wordt in de tuin ook gezongen (over kaas en verse eieren) en iemand vertelt verhalen.

De hefbrug gaat niet zo heel vaak open.
  • De hefbrug gaat niet zo heel vaak open.
Glaasje wijn en bordje met lekkers in de Käseeck, wat wil je nog meer?
  • Glaasje wijn en bordje met lekkers in de Käseeck, wat wil je nog meer?

Malchow, de moeite waard

De volgende dag gaat het eerst richting Malchow - turen door de verrekijker: waar is aan de andere kant van het meer dat kanaal waar we in moeten? Gelukkig: we kunnen een rondvaartboot achterna. In Malchow liggen we een kwartiertje te wachten voor de brug, met z’n 30-en (!). Die brug is laag, draait slechts op het hele uur open en de doorvaart is smal. Eerst mag de andere kant, waar er net zoveel boten liggen te wachten als aan onze kant. De brugwachter blijft gewoon rustig lachen en groet iedere boot. Malchow heeft een mooi oud klooster en een DDR-museum, het bezoek beslist waard. Eten kan op meerdere plakken, wij vonden Don Camillo (Italiaans, Langestrasse 68) erg aangenaam. 

Eerst mogen de tegenliggers door Malchow.
  • Eerst mogen de tegenliggers door Malchow.
De rondvaartboot kan net door het gat van de draaibrug.
  • De rondvaartboot kan net door het gat van de draaibrug.
De brugwachter groet iedere boot.
  • De brugwachter groet iedere boot.

Gemoedelijk Waren

Vervolgens leggen we - lekker gemakkelijk, op de kop van een pier - aan in Waren, het toeristische centrum van de regio. Maar ook dit stadje is overzichtelijk en gemoedelijk en alles is vanuit de haven te belopen. Je kan er fietsen huren, om door het nationaal park Müritz te fietsen. Er is een bijzonder leuk Müritzeum, met een interactieve tentoonstelling (in Duits en Engels) over het Mecklenburgse Merengebied en het nationale park, en een Marine-museum, leuke winkels en heel veel restaurants en terrassen. We eten ons in de haven bij Tutti Frutti ongans aan een ‘pizza’ van ijs met vers fruit. Bij Dat Tortenhus (Kirchenstrasse 16) schijn je heerlijk taart te kunnen eten, maar het is helaas gesloten als we er zijn.

Op de ene oever staat een mooi oud klooster.
  • Op de ene oever staat een mooi oud klooster.
Bijzondere ontmoeting in het Müritzeum.
  • Bijzondere ontmoeting in het Müritzeum.
Gezellige terrassen overal.
  • Gezellige terrassen overal.

Paradijs voor vissers

De volgende dag varen we langs een grote loods met de afbeelding van een stoere visser het Müritz-meer op. Hij maakt reclame voor de Müritzfischer, een groot visbedrijf met verschillende vestigingen waar je ook heerlijke broodjes vis kan eten, al dan niet in de meren gevangen. „Dat is de heer Steinberg, hij is niet zo oud als hij eruit ziet, pas 52. Maar hij werkt wel echt bij ons”, zegt Thomas Röse, een van de vissers van het bedrijf. Wat er hier gevangen wordt: aal, hecht, steur (in kweekvijvers) en vooral zander, snoekbaars. Dat staat in zowat elk restaurant op het menu: gebakken, gestoofd, in mosterdsaus, in amandelkorst, en ga zo maar door. De vele meren zijn ook een paradijs voor de hobby-visser, al moet die eerst wel en visvergunning en viskaart aanschaffen bij een van de vele visbedrijven en hengel- en sportzaken.   

Röbel, weer zo'n lief stadje

We steken de Müritz over, met 117 vierkante kilometer het grootste meer van Duitsland en meren na een heerlijke dag op het water aan in Röbel, ook weer zo’n lief stadje. Vanaf de toren van de Maria-kerk is er een prachtig uitzicht over het meer. De stadshaven is klein maar fijn en zoals overal goed georganiseerd, en we maken dankbaar gebruik van de havendouche; het is toch een beetje behelpen in de badkamer op de boot. De supermarkt op loopafstand en er is een mooie groenstrook om te wandelen. En uiteraard zijn er restaurants en terrassen; we eten heerlijk bijMüritzterrasse en zitten daarna heel openhartig aan het water bij hotel Seglerheim met mensen uit Leipzig te praten over de veranderingen sinds de val van de Muur. Met een wijntje op het dek genieten we na van de heerlijke dag - en kijken we naar het onweer en de bliksem in de verte.

Vanaf de toren van de Maria-kerk heb je rondom een prachtig uitzicht.
  • Vanaf de toren van de Maria-kerk heb je rondom een prachtig uitzicht.
uitzicht
  • Mooi uitzicht...
Zo’n typisch Duits straatje
  • Zo’n typisch Duits straatje
Wijntje bij zonsondergang.
  • Wijntje bij zonsondergang.

Terug naar de thuishaven

Er is natuurlijk nog een heel groot gebied dat we niet gezien hebben en waar je mooi kunt varen, met sluizen, kanalen, nog veel meer meren en leuke stadjes. En laten we de vele natuurparken niet vergeten. Maar we moeten terug naar de thuishaven van de Laura. Weer de Müritz over, waar nu op een gewone doordeweekse dag bijna niemand vaart. 

Muritz
  • De Müritz is met 117 vierkante kilometer het grootste meer.

Helaas... het zit erop

Het is net spoorzoeken: volgden we gisteren de groene boeien, nu is het door de verrekijker speuren naar de rode boeien, dan recht op een kasteel (nu hotel) af dat op de oever staat, afbuigen naar stuurboord, een bocht om en het laatste kanaal door. Kalmpjes leggen we aan - achteruit inparkeren is inmiddels geen probleem meer. De dieseltank wordt gevuld voor de volgende huurder, met een onderwatercamera wordt gekeken of er niets met de schroef is gebeurd, een laatste check. En dan, helaas: het zit erop.

We koersen eerst op zicht recht op het kasteel van Klink af.
  • We koersen eerst op zicht recht op het kasteel van Klink af.
Speuren naar de boeien.
  • Speuren naar de boeien.
Laatste brug voor Marina Eldenburg.
  • Laatste brug voor Marina Eldenburg.

Info

  • bootsurlaub.de

    www.mecklenburgische-seenplatte.de

    www.1000seen.de/hausboot

    www.auf-nach-mv.de

    https://www.off-to-mv.com/nl

Meer over